PROGRAMMA AUBADE
KONINGSDAG 2026

Aan deze aubade werken mee:
De inwoners uit de gemeente Kapelle
en muziekkorps
 Jonge Kracht

Onder trompetsignaal hijsen drie kinderen de Nederlandse vlag met wimpel,
de Zeeuwse vlag en de Kapelse vlag.



Nederlands volkslied

Wilhelmus van Nassouwe
ben ik van Duitsen bloed,
den Vaderland getrouwe
blijf ik tot in den doet.
Een prinse van Oranje
ben ik vrij onverveerd.
De koning van Hispanje,
heb ik altijd geëerd.

Mijn schild en de betrouwe
zijt Gij, o God mijn Heer!
Op U zo wil ik bouwen,
verlaat mij nimmer meer!
Dat ik toch vroom mag blijven,
Uw dienaar ’t aller stond’,
de tirannie verdrijven,
die mij mijn hart doorwondt
 
 

Zeeuws Volkslied
 

Geen dierder plek voor ons op aard,
geen oord ter wereld meer ons waard.
Dan waar beschermd door dijk en duin,
ons toelacht veld en bos en tuin.
Waar steeds d’aloude eendracht woont,
en welvaart noeste vlijt bekroont.
Daar klinkt des Leeuwen forse stem
"Ik worstel moedig en ontzwem”.


Het land dat fier zijn zonen prijst,
en ons met trots de namen wijst.
Van Bestevaer en Joost de Moor,
die blinken zullen d’eeuwen door.
Waarvan in de historieblaen,
de Evertsen en Bankerts staan.
Dat immer hoog in ere houdt,
de onverschrokken Naerebout.


Gij Zeeland zijt ons eigen land,
wij dulden hier geen vreemde hand,
Die over ons regeren zou,
aan onze vrijheid zijn wij trouw.
Wij hebben slechts één enk’le keus,
Oranje en Zeeland da’s de leus.
Zo blijven wij met hart en mond:
met lijf en ziel: Goed Zeeuws, goed rond!
 
 

Burgemeester  zal  ons  toespreken  
 


De Zilvervloot


Heb je van de Zilveren Vloot wel gehoord,
de zilveren vloot van Spanje?
Die had er veel Spaanse matten aan boord,
en appeltjes van Oranje!
Piet Hein, Piet Hein, Piet Hein zijn naam is klein,
zijn daden bennen groot, zijn daden bennen groot.
Die heeft gewonnen de Zilveren Vloot,
die heeft gewonnen, gewonnen de Zilvervloot!

Zei toen niet Piet Hein met een aalwaerig woord,
"Wel jongetjes van Oranje,
Kom klim ‘r eis aan dit en dat Spaanscheboord,
En rol me de matten van Spanje!’
Piet Hein, Piet Hein, Piet Hein zijn naam is klein,
zijn daden bennen groot, zijn daden bennen groot,
Die heeft gewonnen de Zilveren Vloot,
die heeft gewonnen, gewonnen de Zilvervloot!

Kwam er nu nog eenmaal zo’n zilveren vloot,
zeg zou jelui nog zo kloppen?
Of zoudt gij u veilig en wel buitenschoot
maar stil in je hangmat stoppen?
"Wel Neerlands bloed, dat bloed heeft nog wel moed!
Al bennen we niet groot, al bennen we niet groot:
We zouden winnen de zilveren vloot,
We zouden winnen, nog winnen een Zilvervloot!”
 
 

  Feestlied
 

't Is feest vandaag, een vrolijk feest
ik zou wel kunnen springen.
En dan daarbij verheugd en blij een lustig liedje zingen.
Waarom is ieder heden
gelukkig en tevreden?
Waarom is elk van goede wil op deze feestdag in april.

Het Koningshuis van Nederland dat leidde ons door tijden,
van moeiten, honger en gebrek, vijf jaar van bitter lijden.
KAPELLE-BIEZELINGE
als wij dit feestlied zingen.
Dan brengen wij ook elke keer
aan onze Koning alle eer!
 
 

 In een blauw geruite kiel


In een blauw geruite kiel’ Als matroosje, vlug en net.
draaide hij aan ’t grote wiel Heeft hij voet aan boord gezet,
de ganse dag.dat hoorde zo.
Maar Michieltjes jongenshartNaar Oostinje, naar de West.
leed ondragelijke smart,Jongens dat gaat opperbest!
a-ach, a-ach, a-ach, a-ach!Hojo, hojo, hojo, hojo!



Daar staat Hollands admiraal,
nu een man van vuur en staal.
De schrik der zee,
’t Is een Ruiter naar de aard;
Glorierijk zit hij te paard!
Hoezee, hoezee, hoezee, hoezee!